Onderwijs vernieuwt

Onderwijs vernieuwt

1280 1030 admin

Onderwijsvernieuwing staat door het adviesrapport Platform Onderwijs 2032 weer stevig op de Nederlandse agenda. Er is een sterke tendens om over onderwijs te denken in termen van economie, competitie en overleven. Op korte termijn lijkt dit heel belangrijk en waar. Maar er is ook een andere kant van de medaille. Dat is de vraag hoe we op de langere termijn op een humane manier met elkaar kunnen samenleven op deze kwetsbare planeet. En ook hoe we deze verschillende invalshoeken kunnen combineren en over- en samenleven met elkaar kunnen verbinden.
In het onderwijs is het tijd voor een nieuwe tijd. We leven in een samenleving die steeds sterker gedigitaliseerd wordt en waar de technologie zich dusdanig snel ontwikkelt dat het noodzakelijk is om het curriculum opnieuw te ontwikkelen, dan wel aan te passen aan de 21ste eeuw.

Maar is dat wel nodig? Is onderwijs echt niet meer van deze tijd?

Het is waar dat in sommige domeinen duizelingwekkende veranderingen plaatsvinden. Exponentiele ontwikkelingen in kunstmatige intelligentie, robotica, biotechnologie, computers, fotonica, energievoorziening, nanotechnologie en medische technieken zorgen er voor dat sommige beroepen verdwijnen of ingrijpend veranderen. Om hier als onderwijs een antwoord op te geven is lastig. Niemand weet waar de veranderingen uiteindelijk toe leiden. De kennis die je vandaag aanbiedt, is morgen wellicht al verouderd.

Aan de andere kant zijn er ook uitdagingen die niet versnellen, maar eerder temporiseren. Als we bijvoorbeeld naar de domeinen democratie, ecologie en zorg kijken, is er geen sprake van exponentiele groei. In deze domeinen, die met leven en welzijn te maken hebben, lijkt het soms zelfs achteruit te gaan en veroudert de kennis eerder dan deze toeneemt.

Hiermee ontstaat ook een andere discussie. Willen we dat onze kinderen volledig worden gedrild om met de technologische veranderingen te kunnen omgaan? Of willen we het onderwijs zo inrichten dat ze onafhankelijk leren nadenken, zich prettig voelen en bijvoorbeeld goed leren omgaan met veranderingen? Ook rijst de vraag wat beter is voor een land: meer uitblinkers of minder achterblijvers?